De laatste tijd is het wat stil geweest
rondom de blog, en dat heeft een goede reden: ik was namelijk in Brazilië.
Nee, niet werkelijk. In plaats daarvan was
ik thuis, voor de tv, elke dag voetbal aan het kijken tussen de tentamens door.
En daarom stond mijn hoofd niet echt naar het schrijven van een blog. Maar
tussendoor kwamen er steeds weer gedachtes voorbij en het zou ontzettend zonde
zijn als ik die niet zou schrijven.
Vandaar: “Dingen die mij opvielen tijdens het WK”
Mijn
school heeft waardeloze medewerkers op de roosterplanning.
In het leven moet je prioriteiten stellen.
Zo gaat bier voor de kater en soep voor het hoofdgerecht.
Maar het is zacht gezegd puur sadisme,
masochisme, kwelzucht en ronduit wreed om een tentamenweek TIJDENS het wereldkampioenschap
voetbal te plannen. Dat is, in deze voetbalgeoriënteerde wereld, een simpele
‘no-go’. Hetzelfde als warme chocomelk in de zomer bestellen: je doet het niet,
maar het gebeurd toch.
Zodra
ze in beeld zijn..
Stel: je hebt besloten om naar het WK in
Brazilië te gaan. Je sluit een lening af voor duizenden euro’s om 3 wedstrijden
of meer te kunnen zien van je eigen nationale ploeg. Het WK blijkt uiteindelijk
een drama te zijn, je ploeg verliest elke wedstrijd en je ben beroofd toen je
door een donker steegje liep omdat je geen zin had om een stukje langer te
lopen om naar je hotelkamer te komen (Serieus, wie is er dan ook zo stom om dat
te doen?).
Hoe teleurstellend het resultaat van zo’n
vakantie ook is, zodra de camera hun teleurstelling in beeld wilt brengen zijn
de supporters plotseling toch niet meer zo teleurgesteld. Hun gezicht klaart op
het moment dat ze doorhebben dat ze in beeld zijn. Dan ontstaat er plotseling
een polonaise over de tribune en is er een fanfare van vuvuzela’s aan het
spelen. Alles voor hun ‘5 seconds of
fame’.
Als we het nu toch over het onderwerp van ‘in
beeld zijn’ hebben: volgens mij hebben de cameramannen van de TV een cursus
‘zoek dames in het publiek op’ gehad voor aanvang op het toernooi. Misschien
een ideetje van Sepp Blatter?
Als ik voetbal kijk, wil ik de wedstrijd
zien. De emotie, de liefde, scheldende trainers en ruziënde scheidsrechters. Om
dan een enkele keer de tranen van een supporter te zien: geweldig (Voor zover
dat lukt natuurlijk, hè).
Maar dan hoef ik niet elke keer een leuke
dame te zien die het spelletje niet zo interessant vindt, maar vooral de
aandacht waardeert. Als ik naar dames wil kijken dan zap ik wel in de rust naar
het WK lingerie.
Die hebben immers precies hetzelfde
concept: van voetbal snappen ze geen niets, maar de aandacht die ze krijgen is
leuk.
Voetbal
kijken in gezelschap
Voetbal kijken in gezelschap is geweldig.
Ik kijk voetbal het liefst met vrienden, die het spelletje ook snappen. En soms
kijken ook vrouwen mee. Dat is geen probleem. Als vrouwen meekijken belemmert
dat niet mijn ervaring van de wedstrijd.
Meestal, als vrouwen meekijken, zijn ze
stil, ze volgen het spelletje wel, maar begrijpen het niet helemaal en dat
vinden ze prima. Dat vinden wij mannen ook prima. Dit is prima. Maar dit is
helaas niet altijd het geval..
Als wij mannen voetbal kijken hebben wij
het over welke mogelijke ballen gegeven hadden kunnen worden, over of een lage
of een hoge steekpass het best was geweest of misschien zelfs over de
mogelijkheden op de bank, die wedstrijd kunnen keren.
Vrouwen daarentegen die het spelletje niet
snappen, maar toch gaan praten, zeggen heel andere dingen, bijvoorbeeld wanneer
Memphis Depay nog koud in het veld staat, zeggen ze dingen als: “Zo, die Depay
is ook goed hoor!”
Of als Frank Snoeks, de commentator zegt:
“Overtreding geconstateerd door Heymoudi.” “Wie is Heymoudi? Is die van
Oranje?” “Nee, Heymoudi is de scheidsrechter..”
Misschien als Nigel de Jong, as usual, weer eens ruzie heeft op het
veld, zullen ze dingen zeggen als: “Kappen nou Nigel, écht stoppen nu!”
En als even later een ander boos gezicht in
een oranje shirtje in beeld komt: “Stoppen nou De Jong!” Totdat dit niet Nigel
de Jong blijkt te zijn, maar Ron Vlaar.
Dit is het type vrouw dat niks van voetbal
begrijpt, maar zich wel gerechtvaardigd voelt om er een mening over te hebben.
Die vrouwen die wél weten wat buitenspel is, om puur af te zijn van het stigma
af te zijn dat vrouwen niets van voetbal weten.
Het type vrouw dat haar levensdoel is om de
kloof tussen mannen en vrouwen wilt verkleinen en dit op elk vlak mogelijk wilt
doen.
Het type vrouw dat voor haar levensdoel
zelfs bereid is om een piemel te laten groeien om een statement te maken.
Het type vrouw dat ‘De Opzij’ leest.
Het type vrouw dat klaagt dat wij mannen
het maar makkelijk hebben omdat wij mannen nooit kinderen hoeven te baren.
Het type vrouw dat in constante medelijden
met zichzelf leeft, maar zich overal profileert als een ‘sterke, zelfstandige
vrouw’.
Het type vrouw dat zich niet realiseert dat
het voor ons mannen moeilijker is om met zo’n vrouw te leven, dan al hun
problemen bij elkaar.
Met dat type vrouw, is het ONMOGELIJK om
voetbal te kijken.
Diego
Armando Maradona
Diego Maradona, je hoeft geen
voetballiefhebber te zijn om te weten dat hij een van de beste spelers ooit is.
Na zijn flamboyante carrière als speler is
hij een beetje op een zijspoor geraakt. Een trainerscarrière was geen succes en
als analist bakt hij er ook niet veel van. Maar voetbal is conservatief en wilt
graag de idolen in het spel behouden en dus ook Maradona nog genoeg in beeld.
Tegenwoordig schrijft Maradona columns.
Columns over voetbal. In de ‘Times of India”.
Niet bepaald een verlengstuk van zijn
voetbalcarrière..
Langzaam aan krijg ik steeds meer een hekel
aan Diego Armando Maradona. Hij is de meest irritante persoon van dit WK.
Niet dat hij dingen zegt die compleet
nergens op slaan, hij heeft nog redelijk gegronde uitspraken. Het punt is
echter dat Diego niet doorheeft dat hij dingen zegt DIE IEDEREEN AL WIST.
Voorbeeldje: “Messi doet het goed, maar zijn partners werken hier ook aan mee” of
mijn favoriet “Neymar is een jongen met
een exceptioneel talent. Wat hij deed voor Brazilië in de Confederations Cup
was uitzonderlijk, maar hij is nog te jong om het team te dragen op het
Wereldkampioenschap.”
Stuk voor stuk allemaal observaties die
iedereen al wist. Al ruim voor het WK wist iedereen al dat Neymar een goede
voetballer is, maar nog te jong. Dat is ongeveer hetzelfde als zeggen dat Obama
een goede president is, maar hij ook slechte dingen heeft gedaan.
Overal
wordt elk sprankeltje van hoop gezocht en gevonden
Als mensen een probleem hebben, dan
analyseren ze de huidige situatie en lossen het daarna op.
Met voetbal is dat niet zo. Met voetbal
ligt dat iets gecompliceerder.
Als men bij voetbal een probleem heeft, bijvoorbeeld
een speler is niet gedisciplineerd en vertoond wangedrag, dan wordt er een oud
voetballer geraadpleegd die totaal geen verstand heeft van psychologische
kwesties om zijn mening te vragen over hoe het probleem moet worden opgelost,
om vervolgens een onduidelijk antwoord te geven als “Die jongens hebben
tegenwoordig allemaal een hoge pet op van zichzelf, maar ze zullen er
uiteindelijk zelf achter moeten komen. Wat ze nu nog het beste kunnen doen is
er over te praten.” Dit is ongeveer hetzelfde als een vrachtwagenchauffeur
vragen hoe asperges het best bereid kunnen worden.
Of als je bijvoorbeeld een uitermate matig
nationaal elftal hebt, dan gaan mensen direct opzoek naar voetbalfeitjes van
eerdere internationale toernooien opzoek naar die ene kleine gelijkenis en
welke successen ze destijds hebben behaald in de hoop dat het nu weer zo zal
zijn. Weetjes van WK’s van 1934, 1950 en 1982, toen we ook in de poulefase een
wedstrijd tegen Spanje, Chili of Australië speelden. En toen we op die WK’s ook
een verdediging hadden met jongens die nog allemaal in de Eredivisie speelden.
Of 1966, toen Atletico Madrid de Spaanse
competitie won, Real Madrid de Champions League, Oostenrijk het Eurovisie
songfestival en Engeland wereldkampioen werd. De eerste drie zijn gebeurd,
waarom nu niet weer? We weten inmiddels allemaal hoe dat afgelopen is..
Mensen zoeken hoop als iets zelf niet
kunnen beïnvloeden. En misschien is dit ook wel de reden waarom mensen als het
om voetbal gaat ook alles beter weten.
16 miljoen bondscoaches en nog steeds zijn
we niet verzekerd van het wereldkampioenschap.
Wat zal ons dan wel helpen aan de beker?
Precies, vergezochte feitjes uit het verleden.
Er
is een reden waarom wij al jaren Belgen belachelijk maken
Voor de niet voetballiefhebbers: België
heeft dit jaar een geweldig team. Er wordt gesproken over een ‘gouden
generatie’ en dit is hun moment om echt aanspraak te maken op de titel (wat
nooit gaat gebeuren natuurlijk).
Toen ik België – Verenigde Staten aan het
kijken was, besloot ik maar eens de wedstrijd te gaan kijken op Canvas, de
Belgische zender dat voetbal uitzendt onder de naam ‘Sporza’.
Deze zender heeft als commentator een soort
Vlaamse Sierd de Vos, die sprak over een ‘draaicirkel van een vrachtwagen’ toen
een speler zijn kont keerde en ‘afgeblockt’ zodra een schot werd gekeerd.
Op dit punt realiseerde het maar het beste
is als iedereen die moeite heeft met de Nederlandse taal maar het beste in
België kan gaan wonen, want alles wat in het Nederlands grammaticaal fout is,
is in België toegestaan.
Maar dat is niet de reden waarom we Belgen
belachelijk maken. Mensen afzeiken op hun woord keuze is, op Barbie en Kim
Feenstra na, niet acceptabel in onze maatschappij.
We maken Belgen belachelijk omdat ze het in
hun hoofd halen dat ze denken dat ze beter zijn in voetbal dan wij. En dat
pikken we niet.
Wij Nederlanders zijn een verdeeld volk, we
zijn het niet vaak met elkaar eens en zeiken meer dan vaak, maar als het op
voetbal aankomt, dan zeiken we samen.
Tijdens voetbal, zijn we een.