Iedereen heeft een talent. Dat is wat ik geloof. Maar nog
niet iedereen erkent zijn talent.
Schrijven. Ik vind dat dit mijn talent is. Anderen vinden
dit gelukkig ook, maar zelfs als een enkeling dat niet meer vind, zal ik me
daardoor niet laten weerhouden om niet te schrijven. Het maakt me blij. Niet
het schrijven zelf maakt me blij, anders had ik wel een adviesschrift op kunnen
stellen, maar het feit dat ik een manier heb gevonden om mijn ideeën te uitten.
En dan kom ik bij een ander talent aan: ik kan me
bekommeren over dingen die er TOTAAL niet toe doen. Kerstbomen, weggelopen
honden, dingen die je doet als je dronken bent, afijn, je kent het inmiddels
wel. Wonder boven wonder heb ik deze twee ‘talenten’ kunnen combineren, zoals
een Geweldig Fantast dat zich beaamt.
Jij hebt ook een talent. Dat weet ik zeker. Jijzelf weet
dat ook zeker. Ergens, diep van binnen zit dat talent. En maak je geen zorgen,
je hoeft dit talent niet meteen wereldbekend te maken, niemand hoeft het nog te
weten. Eerst erken je het zelf, niemand die er nog van weet. Je geeft het de
ruimte om het te laten groeien. En langzaamaan vertel je het aan iemand. En
daarna weer aan een ander. En voor je het weet zit jij met jouw talent aan
tafel met Matthijs van Nieuwkerk.
Thing is, talent gaat gepaard met een dosis schaamte. Bij
mij was presenteren daar een goed voorbeeld van.
Toen ik elf was hadden wij op de basisschool een
voorstelling met de klas. Ik herinner me er niet veel meer van, maar wat ik nog
wel weet is dat ik de koning speelde. De dikke
koning welteverstaan. Toen mijn lieftallige dochter de prinses was verdwaald in
het bos stuurde ik mijn meest koene ridder het bos in om haar te redden.
Alhoewel, koen.. Het eindigde met een kusscène, en meisjes kussen was vies, dus
ik had niet veel dappere vrijwilligers.. (Ben ik blij dat ik terug ben gekomen
op het idee dat meisjes zoenen vies was). Zonder het te weten speelde ik voor
een grote groep mensen zonder al te veel angst.
Toen ik 16 was moesten wij ons profielwerkstuk
presenteren. Het ging over decision-day, het meest cliché onderwerp uit de
Tweede Wereldoorlog dat een mens kan kiezen, maar we waren jong, naïef en
bovenal: vreselijk lui.
De presentatie ging dra-ma-tisch.
Filmpjes die half werkten, verkeerde stukken tekst presenteren en om er nog een
schepje boven op te doen: tekst vergeten.
Zelf ben ik er nooit bewust van geweest, maar na de
presentatie kreeg ik de lof dat ik overnam waar anderen te kort schoten, de
techniek onder controle kreeg en zelf sterk heb gepresenteerd.
Jarenlang heb ik ontkent dat ik goed was in presenteren.
Ik wilde er niet goed in zijn, ik wilde niet die spotlights in, die schaamte
hebben waarmee een talent gepaard gaat.
Feit is, ik ben goed in het geven van presentaties.
Zonder moeite geef ik presentaties, ik ga er staan en doe het, zo simpel als
het mag klinken. Voor groepen staan is een van mijn talenten, een die ik
jarenlang heb ontkent. Een talent die heb omarmd en nog steeds in wil groeien. En
nog steeds, iedere keer als ik een presentatie ga geven, ben ik nog steeds bang
dat ik in m’n broek zeik voor m’n publiek. Iedere keer weer. Dezelfde schaamte
die altijd weer terugkeert.
Dus, wat is jouw talent?
Ik kan me die voorstelling nog herinneren en heb er nog ergens foto's van!! :D
BeantwoordenVerwijderen